Hoewel iedereen in Nederland de afgelopen maanden lekker heeft kunnen barbecueënen, terrassen en bakken in de zon was het in Nieuw-Zeeland winter. Dat betekent hier sneeuw, kou en ijzige nachten. Dat is niet altijd even leuk, maar brengt ook mooie dingen met zich mee.
Toen we vorig jaar naar Australië vertrokken was het maart en dus herfst in Aussie. In het zuiden van Australië kan het in de winter vrij koud worden en dus trokken we naar het noorden waar het altijd lekker weer is. Tijdens de wintermaanden werkte we in de Outback en afgezien van een paar koude nachten, hadden we elke dag warm weer.
Dit is heel anders in Nieuw-Zeeland. Hoewel het op het Noordereiland minder koud wordt dan op het zuidereiland, regent het in het noorden weer veel meer. We wisten dus dat we kou, vorst en misschien zelfs sneeuw konden verwachten toen we hierheen vertrokken. Zeker toen we begonnen met werken in Twizel en het direct de eerste nacht vijf graden vroor was het duidelijk dat we echt midden in de winter zaten.
Dat was echt niet altijd fijn. Zeker ook omdat de huizen hier geen centrale verwarming hebben en puur warm gehouden worden door de houtkachel. Als die eenmaal goed aan is, is het in de woonkamer zo warm maar onze slaapkamer blijft vaak koud. Daarom hebben we na een paar weken een elektrische deken gekocht voor in ons bed en deze is sinds de dag dat hij werd bezorgd mijn beste vriend.
Het was soms ook wel vervelend om te zien dat in Nederland het record voor de warmste dag werd verbroken en wij die nacht flinke vorst hadden. Ook alle foto’s die je ziet van festivals en barbecues waren soms wat jaloersmakend, maar toch is het niet alleen maar vervelend geweest. Dat komt ook omdat het hier in Twizel wel koud wordt, maar het regent bijvoorbeeld maar weinig en we hebben ook veel mooie dagen gehad waarop het zelfs warm was in de zon.
Door de ingewikkelde ligging van Twizel moet de wind precies goed staan wil het hier sneeuwen en dat is tot nu toe nog niet gebeurd. Wel heeft het gesneeuwd in de dorpen en bergen om ons heen en dus hebben we een paar keer de sneeuw opgezocht en eerlijk: dat was ook heel tof! Dat komt ook door dit gebied met al zijn prachtige natuur, als je dan door de sneeuw stapt met op de achtergrond Lake Tekapo met zijn mooie blauwe kleur dan is dat de kou zeker waard.
Wat ook meevalt is dat wat de winter in Nederland vervelend maakt, hier minder speelt. Het regent dus minder, we hoeven niet ’s ochtends op de fiets door de kou naar werk of het station. Ik hoef niet zonder handschoenen door de ijzige kou te fietsen omdat ik vorige week voor de vierde keer mijn handschoenen ben verloren omdat ze uit mijn zak zijn gevallen tijdens het fietsen en ik hoef niet bang te zijn om onderuit te gaan op mijn fietsje of als ik ergens heen loop.
Het enige wat ik echt lastig vind aan de winter hier is dat je ’s ochtends uit je warme bed stapt en dat dan het hele huis koud is en dat het dus echt een tijd duurt voordat het weer warm is. Het maakt me niet zoveel uit dat het buiten vriest, maar als het binnen vervolgens niet warm is word ik daar wel een beetje chagrijnig van. Gelukkig zijn Danny en ik inmiddels echte kachel experts en lukt het ons redelijk snel om het vuur aan te krijgen en het huis warm te krijgen. En daarnaast geniet ik stiekem ook wel een beetje van dit winterse weer in deze mooie omgeving. Het heeft ook wel wat om in deze tijd in Nieuw-Zeeland te wonen. Het is een kant van het land die veel backpackers niet zien omdat het niet ideaal is om nu door het land te trekken. Maar wij hebben het toch maar mooi meegemaakt.