Queenstown

Na de natuur van The Sound Scenic Route en Milford Sound  werd het weer tijd om de natuur om te wisselen voor het stadse leven. We bezochten het bruisende Queenstown en maakte ook een stop in Glenorchy.

Queenstown staat bekend als dé adrenaline stad van Nieuw-Zeeland. Je kunt hier bungee jumpen, parachute springen, paragliden en met een jetskiboot over het meer. Daarnaast veranderd de stad in de winter in de wintersportstad van het land. Niet gek dus dat deze stad onder backpackers heel populair is en een must visit plek is. Wij hadden geen plannen om uit een vliegtuig te springen of iets in die categorie, maar we wilde Queenstown niet overslaan in onze reis.

We boffen met het weer tijdens ons bezoek aan Queenstown. De zon schijnt en het is een graad of 18 waardoor we lekker zonder jas rond kunnen lopen. Queenstown ligt aan Lake Wakatipu en nadat we eerst door het kleine centrum zijn gelopen komen we uit bij het hart van de stad aan het water. Omdat het zaterdag is, vindt er een kleine markt plaats en de terrassen van de omringende restaurants zitten vol. De sfeer zit er dus direct goed in. We lopen een rondje over de markt en rond de restaurants. We besluiten zelf ook even een drankje te doen op het terras en onze plannen verder uit te denken.

We besluiten om ook nog even door het park te wandelen dat deels aan het water ligt. Ik had al gelezen dat je hier ook een heel frisbee parcours kan doen. Helaas hebben wij geen frisbee bij, maar ik zie een paar groepjes enthousiast van de ene ‘goal’ naar de andere rennen. Het is echt een mooie herfstdag en de bomen kleuren vrolijk rood, geel en bruin. Na onze wandeling door het park gaan we nog even kijken bij de burgershop Freg Burger. Je schijnt er echt heen te moeten als je in Queenstown bent, want de burgers zouden legendarisch zijn. Helaas kan ik jullie niet vertellen of dat echt zo is, want er stond een rij tot om de hoek en zoveel zin hadden we nu ook weer niet in die burgers. Maar een hit is het sowieso want ook de volgende dag stond er een lange rij.

Van de vriend van Ilse kregen we de tip om naast Queenstown ook Glenorchy te bezoeken. Glenorchy ligt aan het einde Lake Wakatipu, hierna gaat het meer over in een rivierenstelsel. De rit naar dit kleine dorpje is iets wat je eigenlijk niet mag missen, want elke bocht brengt weer nieuwe prachtige uitzichten over het meer. Op dit punt van de reis vraag ik me sowieso af hoe het komt dat alle meren in Nieuw Zeeland zo absurd mooi, blauw en helder zijn.

Echte kenners zullen in Glenorchy direct Isengard herkennen uit Lord of the Rings. Het is een van de redenen dat er redelijk veel toerisme is in dit dorpje, naast dat het aan alle kanten enorm fotogeniek is. Ik moest echt even googlen hoe Isengard er ook weer uitzag en dan nog is het een beetje moeilijk om het goed voor je te zien omdat het alleen om de plek gaat, de hele stad zelf is later op de computer erbij gemaakt. Hoewel Danny en ik de films wel gezien hebben, zijn we geen mega fans waardoor dit soort dingen leuke trivia zijn maar geen belangrijke plekken. Maar voor veel fans ligt dat helemaal anders en je kan dan ook tours doen die je naar alle filmlocaties brengen, maar we hebben ook vaak boeken zien liggen waarin alle plekken in Nieuw Zeeland worden aangestipt waar ze LOTR hebben opgenomen.

Geen zoektocht naar hobbits voor ons deze middag, maar we hebben wel door dit dorpje gelopen en ook een mooie wandeling gemaakt door de heide die er achter lag. Het fijne van die wandeling was ten eerste dat het erg mooi was en ten tweede was het heerlijk rustig. Ik merkte dat vooral het Zuidereiland onder toeristen heel erg in trek is en dan vooral onder Aziatische tourgroepen. Dat is niet erg, maar wij waren op het punt dat overal waar we uitstapte er ook een groepstour was en dan ga je jezelf er toch een beetje aan irriteren. Maar niks van dat dus deze middag want we hadden het pad praktisch voor onszelf.

Die avond vonden we ook nog eens een van de mooiste camping spots tot zover namelijk aan de rand van Lake Wakatipu. Iets minder was dat het de hele nacht regende waardoor we de volgende dag door een enorme plas moesten rijden. Aangezien we met Harrie drie keer vast hebben gezeten (waarvan twee keer in de modder) was dit best even spannend. Maar gelukkig stelde Snake Eyes ons niet teleur en ging het voorspoedig.

De ochtend spendeerde we in de bioscoop om de laatste Avengers film te zien. Daarna besloten we naar het mijnwerkersdorpje Arrow te gaan. Danny had gezien dat hier een herfstparade werd gehouden en dat leek ons wel wat. Het heeft ons zeker niet teleurgesteld, want naast dat de parade zelf heel leuk was (een soort carnaval light met oldtimers) was het dorpje zelf ook zeker de moeite van het bezoeken waard. Het was heel druk en daarom konden we niet echt goede foto’s maken, maar het voelde een beetje alsof je in een dorpje uit de jaren zestig was. Ik weet niet of het gewoon goed bewaard is gebleven of dat het express zo gebouwd is, maar leuk was het in ieder geval wel.

De laatste stop deze dagen was het dorpje Wanaka, dat aan Lake Wanaka ligt. Het dorpje is beroemd vanwege een boom die half in het water staat en dit al zeventig jaar lang overleeft. Het is een beetje droog want iedereen komt er dus heen om die boom te zien en laten we eerlijk zijn: het is mooi, maar niet wereldschokkend. Gelukkig bood het meer ook een mooie spot om te lunchen en hebben we ook nog door het dorp zelf gelopen. Na Wanaka was het tijd om te vertrekken naar de westkust van het Zuidereiland. Dit staat bekend als The Wild Westcoast dus dat belooft wat.

Plaats een reactie