Aangekomen in Sydney trokken we al snel in ons nieuwe huisje en stond Harrie verdrietig op ons te wachten. Hoewel we elkaar even moesten overhalen, hakte we de knoop door om Harrie te verkopen. Harrie zelf dacht daar heel anders over.
Toen we net in ons nieuwe huis woonde maakte we nog vaak ritjes met Harrie. We hadden in het midden van Australië dan wel afgesproken dat we hem zouden verkopen, maar puntje bij paaltje was dat gewoon niet zo makkelijk. Harrie is en blijft (hoe raar dit ook klinkt) ons kleine ankerpunt in Australië. Het is de eerste plek waar Danny en ik samenwoonde, hij heeft ons naar talloze mooie plekken gebracht en hij voelde ook als onze uitweg voor als plannen niet lukte. Daar afstand van doen was nog niet zo makkelijk. Maar op een gegeven moment waren we het erover eens dat we hem niet konden houden, ook omdat hij in december weer door de APK zou moeten wat ons toch al snel een duizend dollar zou kosten.
En dus trokken we er een zondagmiddag voor uit om Harrie op Gumtree te zetten en op verschillende backpack facebookpagina’s te zetten. Danny photoshopte de breuk in het raam eruit om mensen niet gelijk te veel af te schrikken en toen was het wachten op reacties. En die kwamen. Er kwamen mensen kijken en we probeerde een zo’n eerlijk mogelijk verhaal af te steken tegen mensen. Het enige dat we in het midden lieten was hoe goed de motor was. Dat wij twee keer naast de weg hebben gestaan omdat hij te warm geworden was hebben we niet verteld. Wij vonden (en vinden nog steeds) dat Harrie nog een rondje oostkust namelijk prima zou overleven. Daar rij je niet mega veel kilometers per dag en is het ’s nachts minder warm en dus overleeft Harrie daar veel beter.
Toch hadden we moeite hem te verkopen. Hoewel we voor mensen kwamen al vertelde over de barst in de ruit, zag het er natuurlijk niet echt goed uit. En dus besloten we om toch een nieuw raam in Harrie te laten zetten. Gelukkig vond Danny iemand die het goedkoop kon doen, nog steeds 200 dollar maar gelukkig niet de 350 die ze bedrijven ons eerder hadden voorgerekend.
De maandag nadat we de voorruit hadden verwisseld miste ik mijn trein naar mijn werk en vroeg Danny om mij te brengen met Harrie. Onderweg hoorde ik Danny steeds meer zuchtte en voelde ik de power in Harrie afnemen. Optrekken ging moeizaam en er waren momenten dat Danny het gas vol induwde en we toch maar met veertig kilometer vooruit gingen. Dit was foute boel. Danny belde me een uur later op met de verdrietige mededeling dat het definitief klaar was met Harrie. De NRMA (dat is de ANWB in New South Wales) had naar Harrie gekeken en had gezien dat de hele versnellingsbak stuk was. Een kostenplaatje van ongeveer 800 dollar. Als je dan ook nog bedacht dat de motor eigenlijk kapot was en gemaakt zou moeten worden voor een kleine 3000 dollar dan kom je al snel tot de conclusie dat hij dat gewoon niet meer waard is.
Hoewel deze hele situatie niet totaal onverwacht kwam voor ons, waren we er stiekem best verdrietig om. Natuurlijk was het kut dat we nu maar een schijntje voor Harrie zouden krijgen terwijl we er zoveel geld hebben in gegooid, niet alleen in de vorm van diesel maar ook in de aankoopprijs en in reparatiekosten. Ook had Danny hem nog maar een paar maanden eerder helemaal verbouwd en van die fysieke investering zouden we ook niets terugzien. Maar ook omdat we hoopte dat ons avontuur met Harrie anders zou eindigen, in plaats van langs de weg met een kapotte versnellingsbak.
Danny zette Harrie weer op Gumtree om hem nu te verkopen voor onderdelen en werd daarna overspoeld door mensen die hem zo op wilde komen halen en er ons dan precies niks voor wilde geven. Dat ging ons een beetje ver en dus hebben we hem er uiteindelijk voor 600 dollar opgezet en uiteindelijk voor 500 verkochten aan ene John die met zijn hele gezin kwam kijken. Twee weken laten zagen we Harrie weer op Gumtree staan, John verkocht hem weer maar wilde er wel 6000 dollar voor hebben en vertelde er niet bij in zijn advertentie wat Harrie allemaal mankeerde. Het enige wat hij gedaan had was alles wat Danny met bloed en zweet achterin had gebouwd, eruit gesloopt zodat het een lege bus was geworden.
Dit laatste brak wel even mijn hart. Niet alleen voor Harrie en alles wat wij met hem hadden meegemaakt, maar vooral over het feit dat mensen zo slecht kunnen zijn. Wij waren nadat bleek dat Harrie echt kapot was, opgelucht dat we hem niet toch aan iemand hadden verkocht, want dan had diegene dus met dit probleem gezeten. Maar uit het feit dat iemand een bus koopt die nog geen vijftig kilometer kan rijden, deze helemaal leeg haalt en weer te koop aanbiedt voor het twaalfvoudige dan wat hij er voor heeft betaald, terwijl de bus nog steeds net zo slecht functioneert als toen hij hem kocht, blijkt toch wel veel over de tweedehands auto industrie in Australië. En dit klinkt misschien naïef, we wisten echt wel dat er in de backpackerbussen handel veel rotte appels zaten en dat je eigenlijk heel erg moet oppassen, maar dit was dan nog de bevestiging.
Gelukkig rechtte we onze rug en zei Danny: ‘Ik ben blij dat wij niet zo zijn, want dit was niet eens in ons opgekomen” en daar ben ik ook blij mee. Het voelt wel echt alsof we Harrie verloren zijn en dat is verdrietig. Maar we mogen (achteraf) blij zijn dat hij ons ruim 30.000 kilometer door Australië heeft rondgereden en dat we zoveel mooie avonturen met hem hebben beleefd.