Terug naar Sydney

Adelaide was onze laatste grote stop voordat we echt terugkeerde naar Sydney. Gelukkig lagen er nog wel wat kilometers tussen deze twee plekken in en hebben we nog best wat bijzondere en mooie dingen gezien. Toen we eenmaal terugkeerde in Sydney was het direct tijd voor een realitycheck.

Tussen Adelaide en Sydney ligt nog ruim 1400 kilometer en dus duurde het nog ruim vijf dagen voor we daadwerkelijk weer terug waren in de stad waar we ons avontuur acht maanden geleden begonnen. De route die wij reden is een route die niet veel backpackers rijden. Veel mensen rijden namelijk vanuit Adelaide naar Melbourne. Die route heet ‘The Great Ocean road’ omdat je langs de oceaan rijdt en allerlei mooie plekken ziet. Wij hebben tot het laatste moment getwijfeld om ook niet toch even naar Melbourne te gaan en vanuit daar naar Sydney te rijden, maar we waren uiteindelijk te bang dat Harrie ons deze omweg niet in dank zou afnemen.

Het is vrij logisch dat niet veel mensen de route nemen die wij reden want hij is behoorlijk saai. South Australia is de ‘Sheep state’ omdat er zoveel schapen gehouden worden. Maar schapen leveren niet per se hele bijzondere plaatjes op kan ik je vertellen. Maar toch was het niet alleen schaap zover het oog reikte. Toen we de tweede avond op een camping Harrie weg probeerde te zetten kwamen we vast te zitten (inmiddels al de derde keer) in de modder. Er bleek een waterleiding stuk te zijn en juist op dat punt waren wij met Harrie gaan rijden. Gelukkig stond er nog een ander ouder stel op de camping die ons los konden trekken en vertelde dat er in de buurt zout meren waren die roze zouden zijn. Dat leek ons wel wat, zeker omdat je er ook kon slapen. De meren waren een bijzonder gezicht. Ze waren niet echt roze maar hadden meer een roze gloed. Maar het was vooral een raar gezicht omdat het net ijs leek. We hadden rond Coober Pedy ook al een paar zoutmeren gezien en het blijft een vreemd gezicht.

We waren de enige die op de campingspot bij het meer bleven slapen en dat was wel een beetje eng. Er was niemand behalve wij en dat kan heel fijn zijn, maar het is ook wel een soort van spannend. De volgende dag spotte we ook nog een groot aantal grote hagedissen die steeds midden op de weg lagen. Het stel op de camping had ons de dag van tevoren al vertelt dat die dieren in het paringsseizoen zaten en dus op zoek waren naar elkaar. Normaal zie je ze namelijk niet zomaar overdag, maar we hadden dus geluk.

We besloten ook nog een kleine stop te maken in Canberra omdat we daar praktisch langsreden. Canberra is de hoofdstad van Australië, schijnbaar ooit gekozen omdat zowel Sydney als Melbourne dit wilde worden en om deze vete op te lossen werd er gekozen om een andere stad hoofdstad te maken. Canberra is dan ook niet echt een grote stad, maar heeft wel een paar mooie bezienswaardigheden zoals musea en het regeringsgebouw. Wij bezochten het National Museum of Australia dat gratis is en ja, dan heb je ons als Hollanders al snel. Het was leuk om even door het museum te struinen en te leren over de geschiedenis van Australië. Er was ook een groot gedeelte van het museum gewijd aan Aboriginal kunst en hun geschiedenis, dat vond ik eigenlijk het mooiste gedeelte van het museum.

Ook reden we een rondje om het regeringsgebouw, wat niet heel bijzonder is maar wel indrukwekkend. Na deze ochtend was het alweer tijd om Canberra te verlaten. Ik vond het niet echt een spannende stad en je kunt er vast wel meer beleven dan wij hebben gedaan, maar daar hadden we op dat moment niet echt zin in. De volgende dagen reden we door de groene heuvels van New South Wales terug richting Sydney. We deden nog kort de stad Wagga Wagga aan omdat mijn bazen bij Wendy’s hier woonde en ik inmiddels wel een beetje nieuwsgierig was geworden hoe die stad zou zijn. Het was een leuk stadje, maar niet bijzonder en dus bleven we er maar een middag.

Op vrijdag 27 oktober kwamen we aan in Sydney. Het was een gek gevoel om terug in de stad te zijn waar ons avontuur acht maanden geleden begon. Toen dacht ik dat alles in Sydney typisch Australisch was. Inmiddels weet ik dat Sydney meer de uitzondering is van Australië. Het is er groot, druk, vol, hoog en dat is alles wat de rest van Australië niet echt heeft. Maar het was ook fijn om weer terug te zijn. Het voelde nog niet eens zolang geleden dat we wegreden bij Peter en Hilde met onze Harrie om onze reis te beginnen.

Die middag hadden we ook direct een afspraak om te kijken bij een huis waar we wellicht konden gaan wonen. Het was in de wijk Newtown. Die hadden we tijdens ons eerste verblijf in Sydney nog niet bezocht dus dat gingen we vrijdagochtend maar eens doen. De sfeer en uitstraling van Newtown bevielen ons goed en we waren er al snel zeker van dat dit een plek was waar we graag wilde wonen. Toen we later in de middag het huis gingen bekijken en dat ons ook nog eens goed beviel, hakte we de knoop door. Hier gaan we wonen.

Ik moet eerlijk zeggen dat ik het op dat moment wel spannend vond. Onze bankrekeningen waren aardig leeg na het reizen en dit zou direct kosten met zich meebrengen en we hadden nog niet zoveel uitzicht op een baan. Maar gelukkig was Danny positiever ingesteld en niet ten onrechte want in de week daarna trokken we in ons nieuwe huis en vonden we beide meerdere banen. Tot nieuw jaar zouden we in ieder geval goed zitten en dat stelde me dus al direct gerust. Laat het ‘normale’ leven in Sydney maar beginnen!

Plaats een reactie