Kuta

Na 2200 km te hebben afgelegd in drie dagen, stapte we op 19 september in het vliegtuig richting Bali. Even op vakantie tijdens onze vakantie grapte we tegen elkaar. Onze eerste stop in Bali was Kuta.

Vanuit Darwin is het maar 2,5 uur vliegen naar Bali, maar je komt in een totaal andere wereld terecht. Van het aan regeltjes gebonden en behouden Australië naar het regelloze en mega drukke Bali. Het begon al op het vliegveld waar we redelijk uitgeput en midden in de nacht aankwamen. We hadden ons al een beetje voorbereid op het feit dat Bali een stuk toeristische is dan Australië, maar toen we probeerde om het vliegveld te verlaten werden we overvallen door zo’n honderd taxichauffeurs die allemaal wilde dat we met hen meegingen. Simpelweg nee zeggen of zeggen dat je al een taxi hebt helpt nauwelijks. Het liefst trekken ze je tas uit je hand en loodsen ze je op die manier naar hun taxi.

Gelukkig had Danny zich van tevoren ingelezen en de ‘grab’ app gedownload, dat is zo ongeveer de uber van Indonesië. Na ons door de taximenigte te hebben geworsteld vonden we zo onze eigen chauffeur die Danny al eerder had ‘besteld’. Het was een grappige man die hard meezong met alle muziek en ons vertelde dat hij bij de Satudarah motorclub zat (hij wond zich erg op over het feit dat die nu verboden is in Nederland) en hoe fijn zo’n club was. Rond half 2 kwamen we aan bij ons hotel en konden we eindelijk gaan slapen.

Tegen alle verwachtingen in werden we de volgende dag al rond 8 uur ’s ochtends wakker en dus waren we niet echt uitgerust. We besloten die dag een kleine verkenningstocht te houden door Kuta. Danny moest namelijk nog wat shoppen en er scheen een groot shopping centre te zijn op een redelijke afstand van ons hotel. Na het ontbijt (waar je onder andere fried rice en noodles kon eten als ontbijt) gingen we dus op pad.

Ik zal er eerlijk over zijn: Kuta raad ik niet aan als je naar Bali gaat. We hadden in onze research vooraf al gelezen dat het een redelijke drukke stad is en dat het vooral veel Australiërs trekt die op party vakantie gaan. Je kunt wel een beetje zeggen dat Kuta het Lloret de mar van Bali is. Het is er mega druk, heel toeristisch en je kunt als westerling nog geen twee stappen zetten of mensen bieden je al dingen aan (van taxirit tot massage). Nu is dat in heel Bali wel een beetje, maar hier in Kuta vond ik het wel extreem. We hadden de hele dag gelopen en een beetje geshopt maar om 16.00 uur moest ik gewoon echt terug naar het hotel omdat ik strontchagrijnig was geworden van al die geluiden, aanbiedingen en mensen.

We besloten de volgende dag dan ook een scooter te huren en om even wat rust buiten de stad op te zoeken. De scooter is het meest ideale vervoersmiddel in Bali. Je kunt ze al huren voor zo’n zes dollar per dag (ik gok dat het omgerekend zo’n vier euro is) en benzine is mega goedkoop. Een scooter is vooral handig omdat je gewoon voorbij de file’s kan rijden. Met een auto rijdt je eigenlijk gewoon van de ene file naar de andere file.

Onze eerste bestemming van die dag was Green Bowl Beach. Een tip die Jason (mijn collega bij Wendy’s die maar één evenement bleef) aan Danny gaf. Green Bowl Beach is niet per se een geheim strand maar het is niet bij veel mensen bekend, plus je moet er echt een scooter of auto voor huren om er te komen. Je moet eerst een duizelingwekkend steile trap af om op het strand te komen, maar als je er dan bent is het die tocht helemaal waard. Toen wij er aankwamen (redelijk vroeg op de dag) waren er maar een stuk of tien mensen. Het strand is niet groot, maar er zijn twee grotten en dus is er ook genoeg schaduw om in te liggen. Green Bowl Beach is echt precies wat ik had voorgesteld bij Bali stranden. Helder blauw water (wel een heftige stroming) en witte stranden. Er zaten maar een paar vrouwen die je dingen probeerde te verkopen en ze waren niet eens heel opdringerig. In een van de grotten kun je lekker liggen en de andere is een soort tempel. Je mag daar niet zomaar naar binnen, maar het was al gewoon mooi om zoiets op zo’n strand te zien. Een heel rustgevend en idyllisch begin van onze dag.

Daarna reden we door naar Ulawatu, dat is een dorpje in het zuiden van Bali. Het staat vooral bekend om de tempel die op een klif is gebouwd en is geweid aan de aap. Wij konden deze tempel ook niet zomaar voorbijgaan en dus sloegen we onze geleende sarong om en gingen naar binnen. Er was niks gelogen over die apen want die waren er in overvloed. Maar de tempel is ook zeker een bezoekje waard door zijn ligging: hoog boven de zee en met een mooie track eromheen. Je wordt overal gewaarschuwd voor de apen en dat ze dingen zoals zonnebrillen gewoon van je neus grijpen maar ik vond het best meevallen. Ik heb het wel zien gebeuren bij een man, maar verder bleven de apen op een afstandje. Dat is ook wel omdat je de apen hier niet mag voeren, ze komen dus niet echt gericht op je af.

Na dit bezoek aan Uluwatu gingen we verder naar Dream Beach. Een redelijk commercieel strand (overal bedjes, verkopers en hordes toeristen) maar wel een mooie plek om even een duik te nemen en te chillen. We sloten de dag af op het prachtige Jimbaran strand. Oké, eerlijk het strand is niet mega spectaculair en we werden een beetje verdrongen door alle Chinese toeristen, maar de zonsondergang was prachtig. En het leukste van dit strand is dat je overal restaurantjes hebt met een terras op het strand. We hebben dus lekker op het strand gegeten met een mooie zonsondergang en ook nog een leuk gesprek gehad met de ober. Deze vertelde ons onder andere dat hij zo’n 1,7 miljoen rupiah per maand verdiende. Dat is omgerekend zo’n 170 Australische dollars. Dat betekent dat de gemiddelde Australiër (de tweede grootste toeristengroep die Bali bezoekt) op één dag vaak meer verdient dan een Balinees in een hele maand. Dat vond ik best wel schokkend en we hebben deze aardige man dan ook maar een fikse fooi gegeven.

Ik was erg blij dat we er met de scooter opuit zijn getrokken want Kuta had me toch wel een heel verkeerd beeld van Bali gegeven. Deze dag was een stuk fijner en we zagen een paar prachtige plekken in Bali. De volgende dag was het alweer tijd om Kuta te verlaten en gingen we op weg naar Ubud.

 

 

 

 

 

 

Plaats een reactie