1 maand

Het is bizar, maar waar: we zijn al een volle maand in Australië. Voor mijn gevoel zijn we pas net aan dit avontuur begonnen (en dat is natuurlijk ook zo). Maar we zijn er dus al een maand, dat is een record voor mij! Tijd om wat dingen op een rijtje te zetten.

Een maand geleden had ik niet kunnen zeggen hoe mijn leven er op dit moment uit zag. Ik was nog nooit langer dan drie weken van huis geweest en nu ging ik opeens voor onbepaalde tijd naar Australië. Dat vond ik best wel beangstigend. De eerste echte dagen in Australië heb ik ook best wel vaak gedacht: wat doen we hier? We moeten terug! Over alle twijfels die ik de afgelopen maand heb gehad, ga ik een aparte blog schrijven. Ik wil op deze blog graag de verhalen vertellen over de dingen die we hier meemaken. Maar ik wil ook graag een eerlijk beeld geven van deze reis en misschien wel over reizen op zich. Maar goed, dat is voor later. Laat ik in deze post maar eens een rijtje maken van de dingen die ik in deze eerste maand heb geleerd en beleeft.

  • De angst voor beestjes was eerst heel groot, toen nog groter, toen iets kleiner en toen weer heel groot. Inmiddels kan zeggen dat de angst is gezakt naar een medium level.
  • We zijn nog niet veel andere backpackers tegengekomen. We komen vooral oudere Australische stellen tegen die aan het rondtrekken zijn. Dat is niet erg, want Australiers zijn altijd in voor een praatje. Ik merk dat de oudere mensen graag vertellen over hun land en ze geven ons allerlei tips. Daarnaast zijn ze ontzettend lief. Ze bieden ons koffie aan, een gratis slaapplek mochten we in de buurt komen van hun woonplaats, een wegenkaart en allerlei andere dingen.
  • Het fijne van echt op pad zijn is dat er zich steeds sneller een pad en plan ontvouwd. Eerst ging het nog vaak van: ‘wat zullen we morgen eens gaan doen, geen idee wat wil jij’. Inmiddels zijn we wat meer aan het plannen en komen we sneller op ideeen om te gaan doen.
  • Gratis campingplaatsen zijn top. We hebben al op heel wat plekken gestaan en elke keer is het weer anders. Van een verzopen veld naast de snelweg tot een veld achter een soort cowboycafe. Het is elke keer weer een verrassing en het valt zelden tegen.
  • Sinds we echt op reis zijn gegaan hebben we al zeker vijf keer gedoucht. Lang niet elke camping heeft een douche en als die er is moet je er vaak voor betalen. Niet veel hoor, vijf dollar is de max. Maar die leg je graag neer voor een warme douche als je al drie dagen geen warm water meer hebt gevoeld. De rest van de dagen lossen we het op met babywipes of gewoon je hoofd onder de beschikbare kraan houden. Maar jeetje, wat ga je een douche waarderen als je er geen meer hebt.
  • Harry doet het nog steeds hartstikke goed! De garage eigenaar die de achterklep had gemaakt, had ons een beetje bang gemaakt door te zeggen dat hij de Blue Mountains waarschijnlijk niet zou overleven. Maar niks daarvan, Harry rijdt als een tiet en hoewel we soms met moeite de veertig kilometer per uur aanraken als we een steile berg op rijden, zijn we nog steeds heel blij met hem. Zeker nu we hem hebben versierd met wat discolichten. Daar lijkt hij zelf ook erg blij mee te zijn.
  • Hoewel ik me had voorgenomen geen tot weinig vlees meer te eten in Australië is daar nog niet zoveel van terecht gekomen. Daar baal ik wel van. Ik voel namelijk steeds meer hoe erg het tegen mijn principes in gaat. Dat is dus een puntje om nog aan te werken.
  • Ik heb al twee keer moeten huilen omdat ik mijn moeder mis en vooral omdat ik bang was dat iedereen ons thuis vergeten was. Dat hoort misschien een beetje bij het afscheid nemen.
  • Tot mijn grote spijt ben ik er nog niet aan toegekomen om kaartjes vanuit hier naar Nederland te versturen. Sorry mensen die er op zaten te wachten! Ze komen eraan hoor!
  • Hoewel Danny en ik van nature uitslapers en nachtbrakers zijn, hebben we hier een bizar braaf ritme. Als we 22:30 uur halen, mogen we in de handjes knijpen. Meestal liggen we al om 21:00 uur in bed. I kid you not. En natuurlijk zijn we dan ’s ochtends vroeg wakker. Het is een hele nieuwe ervaring.
  • Al twee keer heb ik gedroomd over mijn lieve oud huisgenoten op de IBB en er gaat geen dag voorbij dat ik even stiekem denk: hoe is het daar nu zonder mij? Ik ben blij dat ik met Danny deze reis ben begonnen, maar ik mis mijn oude IBB 21-1 leven soms wel.
  • Over missen gesproken, ik mis ook het brood dat ik elke zaterdag bakte bij de Appie. Hier is het brood mwah. Niet heel vies, maar ook niet echt top. Ik zou heel wat geven voor een lekker croissantje of een pompoen-kaasbroodje!
  • Danny is nog niet gillend gek van mij geworden en ik ook niet van hem. Dat is een goed teken denk ik zo. We verdelen de taken in het huishouden heel organisch. Het is wel een beetje gek dat dit onze eerst ervaring is met samenwonen. Ik ben benieuwd hoe dat straks gaat als we gewoon in een huis wonen en kasten hebben waar onze spullen in liggen en niet alleen bakken.
  • Ik zie heel erg uit naar onze tweede, derde, vierde en alle volgende maanden. Het is een gek avontuur, dat soms tegen zit en soms heel erg mee. Ik ben zo blij dat we dit met zijn tweeën doen en mogen meemaken. Ik mis mijn lieve vrienden en familie thuis natuurlijk ook erg, maar ik voel steeds meer dat het een juiste keus was om dit avontuur aan te gaan.

Een gedachte over “1 maand

  1. Mooi geschreven Louke wij kijken er altijd naar uit naar je blogs.
    Fijn dat het ook allemaal goed gaat, en met Harrie en Danny natuurlijk.
    Leuke campingplaatsen hebben jullie en geniet lekker van je vrijheid nu het nog kan.
    Groetjes aan Danny en we missen zijn grappen.
    Liefs Heidi

    Like

Plaats een reactie